Vijf vragen aan ... de manager van Japan
Geplaatst op 4 juli 2009
Hoe kwam U in aanraking met de sport?
“In Japan is er eigenlijk maar één sport. Zeker toen ik jonger was, was er weinig te kiezen. In Westerse landen heb je voetbal, hockey, basketbal, maar in Japan is honkbal de enige sport die écht leeft.”Wie is de beste speler aller tijden?
“Ichiro Suzuki. De eerste speler uit Japan met een vaste plek in een Major League Baseball team. Hij is een voorbeeld voor alle jonge Japanners. Hij verbreekt het ene na het andere record. Zo was hij in 2001 beste slagman en had hij de meeste gestolen honken. Hij is niet alleen een goede speler, hij heeft het geluk aan zijn kant.”Mooiste honkbalherinnering?
“Voordat ik coach werd, heb ik vele jaren als profspeler gespeeld. In het jaar dat ik bij de Japanse club Nissan speelde, werden we kampioen. Dit team speelde in de hoogste Japanse honkbal competitie. Een heel speciaal moment.”Aanval of Verdediging?
“Ik ben altijd pitcher geweest, dus kies ik voor de verdediging. Voor een pitcher is het niet gebruikelijk om te slaan en daardoor heb ik zelf nooit echt de kracht van de aanval meegemaakt. Maar natuurlijk ‘helpt’ een pitcher wel mee met de aanval, maar dan vooral door goed te verdedigen. Het lijkt me duidelijk: ik kies de verdediging.”Wat vindt u van de sfeer in Rotterdam?
“Ik vind het ontzettend jammer dat Amerika er niet is, maar Rotterdam heeft weer een mooi toernooi neergezet. Nederland, Taiwan, Cuba, allemaal landen die keer op keer laten zien dat ze op hoog niveau spelen. Nederlanders zijn ontzettend aardig. Je ziet ook dat de toeschouwers echt genieten van het spel, het maakt niet uit of ze jong of oud zijn. Iedereen leeft met het spel.”























